Wat moet je?

Autisme en volle agenda's gaan niet goed samen

Wat moet je?

In mijn vorige blog schreef ik over twee kenmerken die vaak optreden bij autisme namelijk ‘in jezelf gekeerd zijn’ en ‘ineens in de stress schieten’. Dit blog wil ik wijden aan een ander puntje van aandacht bij autisme.

Ik noem ze Moetjes.

Moetjes kosten ontzettend veel energie, vaak al lang vóórdat het moetje er daadwerkelijk is. Of, als hij plotseling op je pad verschijnt, kan zo’n moetje de boel aardig door elkaar schudden.

Ja, ze zijn me een stelletje.
Die moetjes.

Het bezoek

Had je in de agenda gezien dat we volgende week huisbezoek krijgen?
Mijn vrouw probeert mij tegenwoordig op tijd te waarschuwen, of, iets minder negatief gesteld, op tijd in te seinen als er een nieuwe verplichting gepland staat. En nieuw moetje.

Nee, had ik nog niet gezien“.

Ik doe mijn best om neutraal te reageren op haar vraag. Een vraag die meer een mededeling is. Terwijl ik weet dat ze mijn gezicht scant om mijn echte reactie te lezen, hoop ik dat mijn gelaat mijn gevoel niet verraadt. Want zij kan het tenslotte ook niet helpen dat ‘ze’ weer op bezoek komen.

Het is in principe een jaarlijks terugkerend gebeuren, zo’n huisbezoek. Vorig jaar had ik de moed om ze vriendelijk te bedanken, gezegd dat ze maar een jaartje moesten overslaan.

En nu is het dus al zover.
Een jaar stelt tegenwoordig ook niks meer voor…

Goede gewoonte

Op zich een goede gewoonte, zo’n huisbezoek. Twee mensen van de kerkenraad komen dan op bezoek en in vertrouwen kun je dan alles bespreken wat je zou willen.

Als je dat wilt. Ik wil dat dus niet. Als ik ze nodig heb zoek ik ze zelf wel op. Maar ja, zo werkt het niet altijd…

Een goede gewoonte, huisbezoek.
Maar toch.

Voor mij is dit dus een MOETJE.
Ja, met hoofdletters en vetgedrukt.

Begrijp me goed; ik ben een meelevend lid van de gemeente.
Maar dit vind ik eigenlijk verspilling van ieders tijd.
Misschien moet ik ze dat ook maar vertellen. Maar daar heb ik de moed dan weer niet voor. Want ja, het heurt nou eenmaal zo, dat huisbezoek.

Ja, ik weet het wel; het is maar een uurtje.
Maar wel een uurtje dat pas om half negen start.

In mijn hoofd is de hele avond verdwenen. Want ook de uren vóór half negen zijn weg, gewoon vanwege het opzien tegen het bezoek. Opgeslokt door zo’n moetje. Mijn agenda en mijn tijd worden beheerst door anderen. Bah.

Zonnig

De ochtend begon best aardig, letterlijk een zonnige start van de dag. Wanneer ik om kwart over zeven begin met mijn werk ben ik direct al behoorlijk op dreef. Met gemak beantwoord ik vragen, praat met collega’s en behandel telefoontjes van hen die ICT-hulp nodig hebben. Op een gegeven moment ben ik er zelf verbaasd over hoe makkelijk het nadenken, het praten, het reageren me deze ochtend afgaat. Iets wat met de dag enorm kan verschillen.

Dit is een goede dag.
“Waren alle dagen maar zo goed”, denk ik.

Terwijl ik lekker bezig ben schieten mijn gedachten ineens weer naar morgenavond, naar het moetje van het huisbezoek.

“Oh nee, morgenavond al…”

Er wordt een hapje genomen uit mijn verbazend heldere geest.
De glans wordt meteen een beetje minder.

Energie-management en comorbiditeit

Veel assers hebben naast de dagelijkse uitdagingen te maken met zogenaamde comorbiditeit. Want autisme gaat vaak gepaard met depressies of angststoornissen, zgn. comorbide problemen. In mijn beleving is autisme dan veelal de ‘boosdoener’ van bijvoorbeeld die depressie of die angst. En, om het nog erger te maken, vaak herkent de hulpverlening niet dat autisme de basis is voor allerlei problemen. Met verkeerde diagnoses tot gevolg…

Wanneer ik die comorbide zaken een beetje uitpluis kan ik wel een verklaring bedenken voor het feit dat assers daar extra gevoelig voor zijn.

Want een bekende eigenschap van autisten is dat ze (we) vaak een enorm verantwoordelijkheidsgevoel hebben en nogal perfectionistisch zijn. Dus; doorgaan tot het gaatje. Of tot de energie op is.

En dan is er nog dat dingetje dat wij onze gedachten en gevoelens minder goed kunnen reguleren. Ze blijven maar malen, die radertjes in het hoofd. Gedachten over dat wat was, over dat wat is, over dat wat komen gaat.

Dit alles vraagt zoveel energie dat de fut er op een gegeven moment uit is. Met als gevolg dus depressies, angsten, of zelfs een burn-out.

Energie-slurper 1: Sociale interacties

Kijkend naar mijzelf zijn sociale activiteiten grote energie-slurpers. En zeker ook het lang van tevoren opzien tegen die sociale interactie bederft regelmatig mijn goede humeur. Voor zover dat al aanwezig was.

En tel ze maar eens op, die sociale interacties. Verjaardagen, huisbezoek, een telefoontje dat gepleegd moet worden, een monteur die aan huis komt, etc. Dag in, dag uit zijn ze er, van dit soort sociale-moeten-dingen om tegenop te zien.

Zaken waar neuro-typische mensen niet eens over nadenken, die voor hen heel gewoon zijn, kosten mij en andere assers vaak veel moeite.

Energie-slurper 2: Doe-dingen

Naast die sociale activiteiten heb je ook doe-dingen die enorm veel energie vragen. Neem nu bijvoorbeeld ‘mijn’ boekhouding van de kerk. Als het jaar weer is afgesloten en de balans is opgemaakt, dan ben ik best wel trots. Want dat heb ik toch maar weer mooi volbracht.

Maar…volgend jaar komt het weer terug.
Volgend jaar moet ik er weer al die energie en al die tijd insteken…
Al maanden van tevoren ga ik daar tegenop zien. Dat weet ik nu al, want ik ken mezelf.

En ook de meer gewone doe-dingen kunnen soms erg in de weg zitten. Jazeker, iedereen moet nu eenmaal dingen doen, klusjes in en om het huis, de belastingaangifte, de auto naar de garage brengen en ga zo maar door. Alledaagse-dingen. Het hoort gewoon bij het leven.

Maar net als bij de sociale activiteiten die vaak veel stress geven, kan de energie voor de alledaagse-dingen te weinig zijn. De tank is leeg, maar je moet toch verder. Met als gevolg er tegenop zien, piekeren, wakker liggen, schuldgevoel. Met als gevolg dat de energie nog minder wordt en je gaat er nog meer tegenop zien, piekeren en… ach, je snapt het wel.

Gezeur? Ja, misschien wel. Als je het niet kent, niet voelt, dan is het gezeur. En dat begrijp ik best. Maar voor veel mensen met autisme is het geen gezeur, maar de dagelijkse realiteit…

Een rekensommetje

En dat zijn onze valkuilen. Het druk zijn met, maar vooral ook druk maken over van alles en nog wat dat er (al dan niet) op ons pad komt. En dan heb je tussendoor nog de vele ‘verrassingen’ die je agenda bepalen. Dan is het feest compleet…

Helaas, de moetjes winnen het eigenlijk altijd van de magjes
De zorgen winnen het van de ontspanning.

Het is een simpele rekensom:
Veel moeten + weinig mogen = depressie + burn-out.

De som zou eigenlijk zo moeten zijn:
Moeten + mogen = in balans + gelukkig

Helaas komt die laatste berekening meestal niet uit voor assers. Ook niet voor veel mensen zonder autisme overigens. Maar ik ben ervan overtuigd dat assers gemiddeld gevoeliger zijn voor depressies vanwege de eerder genoemde problemen met het niet goed kunnen reguleren van zowel de gedachten als van de balans tussen moeten en mogen.

Grapje?

Vanmiddag overleg!” zegt mijn collega een beetje plagend. “Van twee tot drie volgens de agenda.”

Ik schrik op. Tjemig, heb ik mijn agenda weer eens niet goed gecheckt?

Nee toch? Ben je serieus?
Dit moet ik hem af en toe vragen want hij wil me nog wel eens de stuipen op het lijf jagen. Soms letterlijk door ineens voor me te springen terwijl ik diep in gedachten verzonken aan het werk ben. Of hij laat me schrikken door zoals nu te vermelden dat we iets moeten doen waar ik totaal niet op zit te wachten.

Ik hoop dat hij me ook dit keer in de maling neemt.

Helaas. We hebben echt overleg deze middag.
Kak.

Overleg.
Praten.
Nadenken.
Meningen geven.
Over dingen.
Met anderen.

In een ommezwaai is mijn gemoed 180 graden gedraaid. Of 170, want er was al een stukje foetsie vanwege die huisbezoek-gedachten.

Vanaf dat moment wordt er weinig meer gepraat en kan ik alleen maar denken aan die moetjes van vanmiddag en morgenavond.

Laat mij maar even hier…” zeg ik tegen mijn collega als hij me vraagt om tussen de middag een rondje te gaan lopen. Hij probeert me over te halen door te zeggen dat het zonnetje buiten me goed zal doen. Zijn pogingen waardeer ik, maar dit keer blijf ik liever achter mijn beeldscherm geplakt, met mijn oortjes in. Voor dit moment beslis ik zelf over mijn tijd.

Nu wil ik even alleen zijn.

Overleefd

Gisteren is inmiddels voorbij en daarmee ook het eerste moetje. Het overleg heb ik overleefd. En, zoals wel vaker, ging het redelijk. Ik kan het wel, zo’n overleg. Er kwamen zelfs nog een paar zinnige opmerkingen uit mijn mond. Maar toch.

Zag ik er maar niet altijd zo tegenop, die moetjes.

Op korte termijn nog één te gaan, zo’n rakker. Vanavond. Ik weet dat ik het kan. Masker op. En ik gooi er gewoon weer een hele lading energie tegenaan, doe alsof ik de rust zelve ben en goed kan babbelen.

Na een uurtje zal het huisbezoek weer voorbij zijn.
Dan hebben we dat de komende twee jaar maar weer gehad.
En heel misschien heb ik aan het einde van de avond toch nog eventjes een ontspannen gevoel…

En dan:

Op naar het volgende moetje!


Nog een kleine tip…

In de loop der jaren heb ik redelijk vaak profijt gehad van de volgende ‘oefening’. Wanneer er iets op je pad komt waar je tegenop ziet, stel jezelf dan eens de volgende vraag:

Moet ik dit nu doen?

En wanneer je in deze vraag telkens de klemtoon op ander woord legt, wordt daarmee de vraag ook anders.

Móet ik dit nu doen?
Moet het echt? Wat gebeurt er als ik het niet doe?

Moet ík dit nu doen?
Ben ik de persoon voor deze taak? Of kan iemand anders het ook doen?

Moet ik dít nu doen?
Moet ik deze taak doen, of mag het ook die andere zijn waar ik nu meer energie voor heb?

Moet ik dit doen?
Moet het á la minute gebeuren of kan het nog even wachten?

Moet ik dit nu dóen?
Gelijk aan de eerste, doen of toch misschien gewoon niet doen?

Misschien helpen deze gedachten je om af en toe de druk van de ketel te halen bij jouw vele moetjes.

Ik hoop het voor je!

 

Geen reacties

Je reactie toevoegen

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.