Lekker sociaal

Over mijn leven met autisme

Lekker sociaal

De bank waar we zo ongeveer elke zondagmorgen in zitten is deze keer nog leeg. Het is sowieso nog rustig in de kerk valt me op. Ik loop voorop en samen met mijn vrouw en twee dochters schuif ik rechts de bank in.

Tegelijk schuift aan de linkerkant een man met in zijn kielzog zijn twee tienerzonen dezelfde bank in. We kijken elkaar aan en met een paar snelle blikken komen we samen tot de conclusie dat het gaat passen, met z’n zevenen in de bank.

Het is een vriendelijke man waar ik wel vaker naast zit.
Tegelijk zie ik de bui alweer hangen.

Na een paar minuten rustig gezeten te hebben komen er enkele druppeltjes naar beneden vallen uit de bui die ik al zag hangen. “Wat een mooi weer hè?” zegt de vriendelijke man naast me. Het geijkte zinnetje om maar weer eens een conversatie te starten. Zucht…

Ja hoor, het is weer zover. Ik moet weer praten en sociaal doen. En nee, dat ik daar niet om sta te trappelen zegt niets over mijn vriendelijke buurman maar juist alles over mij.

En hij heeft gelijk; met werkelijk lente-temperaturen en veel zon op 24 februari is het terecht een zon-dag te noemen. Ik antwoord op de eveneens geijkte manier dat het echt heerlijk en ongekend is, dit mooie weer in deze tijd van het jaar.

De sociale bui hangt nog steeds boven me en om dan ook maar mee te doen –zo heurt het toch?– vraag ik maar of zijn paarden al buiten in de wei kunnen zijn of nog op stal staan. Zoals altijd richt ik de aandacht snel op de ander om maar niet over mezelf te praten.

Ik hoor dat de paarden overdag even buiten zijn maar in de nacht nog op stal staan. Dat weet ik dan ook weer.

Tijdens het korte gesprek denk ik aan van alles. Dat ik nu toch weer praten moet. Dat ik probeer na te denken wat ik hierna weer zal gaan zeggen tegen mijn aardige buurman, gewoon om sociaal te zijn. Want zo heurt het toch? En ik denk eraan dat ik deze ochtend eigenlijk verbazend helder van geest ben en het me redelijk makkelijk afgaat om met hem te praten. Dat is lang niet altijd zo, dat ik makkelijk kan nadenken bij een gesprek.

Maar niettemin laat ik -nadat ik weet dat de paarden ’s nachts op stal gaan- het verder voor wat het is.

Einde gesprek; we hebben sociaal gedaan en elkaar laten weten dat we de ander als persoon waarderen en respecteren. Meer dan genoeg voor nu.

Aan het einde van de kerkdienst gaan we op mijn initiatief via een soort zijdeur de kerk uit. Ik loop vrij direct naar de auto toe en hoop maar dat niemand me aanspreekt. De ontsnappingspoging lukt en zonder verdere conversaties bereik ik de auto. Gelukkig volgen de dames mij (ongekend) snel en kunnen we op naar de koffie.

En nog zo één…

Al mijmerend over gisterochtend bij de kerk loop ik vanavond met de hond over straat. Het is lekker rustig en heerlijk buiten.

In het donker zie ik een gedaante waarvan ik vermoed dat ik hem ken. En ja hoor, het is weer een bekende. Ook weer een vriendelijke man. En ik zie de nieuwe sociale bui alweer hangen.

Aan het wandelen?” vraagt de vriendelijke man. Het is alweer zo’n geijkte openingszin en totaal overbodig. Want iets anders dan wandelen kan het niet zijn wanneer ik met de hond daar loop. “Ja, en het is heerlijk om te lopen met dit mooie weer!” antwoord ik enthousiast met een al even zozeer geijkte zin. De vriendelijke man weifelt om stil te staan en het gesprek verder aan te gaan. Ik twijfel geen moment en loop met krachtige passen verder.

Einde gesprek. Meer dan genoeg.

Op naar huis. Naar een wijntje.

Ik vind het maar lastig

Sociaal zijn is goed, het hoort erbij.

Maar het is vaak wel lastig. Voor mij dan.

 

Geen reacties

Leuk wanneer je een reactie achterlaat!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.